| Het onderzoek op dit themaveld is tijdens de afgelopen decennia duidelijk geëvolueerd. Aanvankelijk stond de interactie tussen “Kerk, katholieken en kunst” centraal en concentreerde het onderzoekswerk zich op de toen nog nauwelijks onderzochte kunststroming van de 19de en het begin van de 20ste eeuw, m.n. de neogotiek. In 1985 richtte KADOC een interdisciplinaire onderzoekscommissie op. Meteen werd de start gegeven van een prospectie- en inventarisatiecampagne, waarvan de resultaten werden verzameld in een databank. Tevens werd een collectieve studie gewijd aan de Sint-Lucasscholen (S5). In 1998 werd een biografie en oeuvrecatalogus gerealiseerd van architect-politicus Joris Helleputte (A1). De biografische studie van Arthur Verhaegen (S18) besteedt grote aandacht aan de artistieke opvattingen en activiteiten van de betrokkene. Vanaf het einde van de jaren 1980 werden ettelijke excursies en studiedagen georganiseerd, die een betere kennis toelaten van het neogotische patrimonium in Vlaanderen. KADOC werkte ook mee aan een gids van neogotische wandelingen in Leuven. De organisatie van een internationaal colloquium over de neogotiek in Leuven in 1997 was de aanleiding voor een hele reeks tentoonstellingen en publicaties (D26, D27, V4, V5). Het kunsthistorische aspect kwam sterk tot uiting in de publicatie bij de gelijknamige tentoonstelling De ingenieuze neogotiek (D25). In 2000 volgde de bundel Gothic Revival. Religion, Architecture and Style in Western Europe, 1815-1914 (A5), de akten van een gelijknamig colloquium. De hachelijke situatie van het neogotische patrimonium leidde tot een grote belangstelling voor de conservatie- en restauratieproblematiek. Ook daaraan werden reeds diverse symposia en publicaties gewijd, bv. over de negentiende-eeuwse restauratiepraktijk van middeleeuwse muurschilderingen (A2), Negentiende-eeuwse restauratiepraktijk en actuele monumentenzorg (A3) en Neostijlen in de negentiende eeuw: Zorg geboden? (A7). “Twintig jaar doorgedreven en origineel onderzoek hebben van KADOC het middelpunt gemaakt van het onderzoek over de neogotiek” (*). De expertise van het Centrum op dit terrein wordt algemeen erkend. Mede daarom vertrouwde het Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap (Afdeling Monumenten en Landschappen) aan KADOC de opdracht toe om voor de bescherming en monumentenzorg van het kerkelijk architecturaal patrimonium in neostijlen in Vlaanderen een coherente methodologie te ontwikkelen en te implementeren (2001-2003). Met het project Wetenschappelijke voorstudie van het Begijnhof in Sint-Truiden (Provinciebestuur Limburg) werd een architectuurhistorische, topografische en antropologische studie uitgevoerd van de betrokken site. Ook bij de toewijzing van deze opdracht werd duidelijk gemaakt dat KADOC één van de weinige, zoniet de enige instelling was die zulk een interdisciplinaire benadering van het onderwerp kon waarmaken. Het FWO-project Iconografie en Symboliek: wisselende percepties en culturele identiteiten. Miniatuur- en handschriftenproductie in België tijdens de 19de en 20ste eeuw in een cultuurhistorisch, Noordwest-Europees en vergelijkend perspectief werd eind december 2003 afgerond. De handelingen van een internationale workshop over het onderwerp worden eind 2005 gepubliceerd onder de titel The Revival of Medieval Illumination. Nineteenth-Century Belgium in an European Perspective. Dr. Wolfgang Cortjaens, onderzoeker van de Rheinisch-Westfälische Technische Hochschule Aachen en de Staatliche Museen zu Berlin, en in 2003 research fellow op KADOC, verricht een onderzoek over het Rijnland als culturele interregio in de 19de eeuw en de interactie met België. Dit resulteerde o.m. in de workshop Historicism, Art and Society in a Catholic Environment and the Development of Cultural Identity in the Rhine-Maas Interregio : tensions between Nationalism and Regionalism. Die manifestatie vond plaats te Leuven op 1-4 april 2004. Voortbouwend op deze onderzoekservaring besliste de KADOC-onderzoeksgroep Kerk, katholieken en kunst eind 1998 om het onderzoeksterrein uit te breiden. Vooreerst chronologisch, tot de 20ste eeuw (1907-1958). Vervolgens kwam de focus van het onderzoek nog uitdrukkelijker te liggen of de interactie tussen moderniteit en culturele identiteit, wereldbeeld en architectuur, dit in een uitdrukkelijk internationaal perspectief. Sedert januari 2002 is KADOC coördinator van een internationale wetenschappelijke Onderzoeksgemeenschap, erkend door het FWO. De Onderzoeksgemeenschap draagt de naam Cultural Identities, World Views and Architecture in Western-Europe 1815-1940 (**). De 26 deelnemers zijn afkomstig uit het Verenigd Koninkrijk, Frankrijk, Italië, Zwitserland, Nederland en België. Ze bestaat uit vier subgroups, m.n. (1) Rationalism, Nationalism and Universalism, (2) Regionalism and Cosmopolitism, (3) Europe in the 20th C. Reconstruction and Heritage en (4) Community and Modernity. KADOC treedt op als coördinator en zal i.s.m. met Universitaire Pers Leuven de uitgave waarmaken van de publicaties die voortvloeien uit de werkzaamheden. In 2004 vonden twee onderzoeksbijeenkomsten plaats. Het symposium Living with History. Rebuilding Europe after the First and Second World Wars and the Role of Heritage. 1914-1964 te Leuven-Ieper-Roubaix in september 2004 resulteerde uit de activiteiten van subgroup 3. Subgroup 4 organiseerde in oktober een seminarie aangaande Le projet architectural. In november 2005 organiseerde subgroep 1 een colloquium te Leuven met als onderwerp Het Rationalisme in de Architectuur van de Hedendaagse Tijd Een andere benadering. In het voorjaar van 2006 volgen nog workshops van subgroep 4 (Making a New World? Constructing and Appropiating Modern Communities in the Interwar Period, in Brighton) en subgroep 2 (Regionalisme in het interbellum). Eén van de drijvende krachten van deze Onderzoeksgemeenschap, KADOC-medewerker Thomas Coomans, werd recentelijk aangesteld als docent aan de Vrije Universiteit Brussel. FWO-aspirant Rajesh Heynickx (Departement Geschiedenis K.U.Leuven) verdedigt op 22 december 2005 een doctoraatsonderzoek met als werktitel Kunst, religie en identiteit. De relatie tussen Vlaamse kunstenaars, intellectuelen en de moderniteit, 1918-1940. De Sint-Lucasscholen en de ontwikkeling van de christelijke kunst, 1900-1958 is eveneens een doctoraatsproject (Wilfried Wouters) dat onder leiding van KADOC wordt uitgevoerd. Aansluitend bij de onderzoeksactiviteiten op dit subveld, dient ook te worden verwezen naar het doctoraatsonderzoek Missionering verruimtelijkt. Missionering, architectuur en ruimte in Belgisch Congo, 1885-1960 (zie hoger, 3.4). (*) Alain Dierkens en Benoît Mihail (ULB) in: Zilveren Nieuwsbrief, 21. (**)Leden: Anna Bergmans (Universiteit Gent), Marnix Beyen (Universiteit Antwerpen), Béatrice Bouvier (Ecole Pratique des Hautes Etudes Paris), Jo Braeken (Monumenten en Landschappen), Nicolas Bullock (University of Cambridge), Thomas Coomans (KADOC-K.U.Leuven), Elizabeth Darling (University of Brighton), Clemens Guido De Dijn (Provincie Limburg), Jan De Maeyer (KADOC-K.U.Leuven), Alain Dierkens (ULB), Emmanuel Doutriaux (Ecole d' Architecture de Lille-Régions Nord), Hilde Heynen (K.U.Leuven), Rajesh Heynickx (K.U.Leuven), Marieke Kuipers (Universiteit Maastricht), Jean-Michel Leniaud (Ecole Pratique des Hautes Etudes Paris), John McKean (University of Brighton), Leen Meganck (Universiteit Gent), Benoît Mihail (ULB), Georg Mörsch (ETH Zürich), Geert Palmaerts (Vrije Universiteit Amsterdam), Alice Thomine (Association de Préfiguration pour l'Institut National d'Histoire de l'Art, Paris), Pieter Uyttenhove (Universiteit Gent), Linda Van Santvoort (Universiteit Gent), Luc Verpoest (K.U.Leuven), Tom Verschaffel (K.U.Leuven), Guido Zucconi (Ist. Universitario di Architettura di Venezia). |
![]() ![]() |


