SM Het Volk van Leuven
Verslagboekje over de werking van een
lokale coöperatieve vennootschap
Soms duikt uit het verre coöperatieve verleden
nog een kostbaar kleinood op. Zo bevat het archief
van de samenwerkende maatschappij Het Volk van Leuven
(Vaartstraat 3) een op het eerste zicht onooglijk schriftje
met de verslagen van de Raad van Beheer van juni 1914 tot
maart 1926. De maatschappij beheerde aanvankelijk een keten
van kruidenierswinkels in Leuven en omstreken. Later verruimde
en diversifieerde ze haar uitbatingen (bank en verzekering,
verbruikszaal, kolendienst en zelfs een bioscoop). Het verslagboekje
geeft een beeld van de kinderziekten waarmee de jonge vennootschap
kampte (o.a. enthousiaste, maar weinig deskundige beheerders),
van de toestand tijdens en onmiddellijk na de Eerste Wereldoorlog
en van haar contacten met de bredere katholieke coöperatieve
beweging. Het illustreert voortreffelijk lokale toestanden
die wellicht representatief waren voor de evolutie van het
coöperatiewezen.
Precies over die coöperatieve ontwikkeling
bereidt KADOC tegen oktober 2005 een studie voor. Dat gebeurt
in opdracht van Groep
ARCO, een ‘holding’ die de coöperatieve
pijler vormt van de christelijke arbeidersbeweging en het
afgelopen decennium een opvallende schaalvergroting kende,
o.a. door haar participaties in Dexia en in diverse sociaal-economische
sectoren. Volgend jaar viert de groep haar 70ste verjaardag.
De christelijke arbeiderscoöperatie is evenwel ouder.
Ze startte ruim een eeuw geleden zeer klein, in vele lokale
samenwerkende maatschappijen. Opeenvolgende centralisatiegolven
zouden vanaf 1918 leiden tot de huidige invloedrijke Groep.
Schrijvende scheutisten
Archiefbibliotheek van de missionarissen
van Scheut ontsloten
In mei 2004 keerde het oude archief (tot 1967)
van de missionarissen van Scheut vanuit Rome terug naar België.
Zoals meegedeeld in onze
e-Nieuwsbrief van juni ll. werd het aan KADOC in bewaring
gegeven. Aangezien er reeds een gepubliceerde inventaris bestond,
kon het haast onmiddellijk voor onderzoek ter beschikking
worden gesteld. Een belangrijke deelcollectie van het archief
zijn de zogenaamde Scripta
Confratrum(geschriften van confraters). Zij zijn nu via een titel-
en inhoudsbeschrijving in de bibliotheekcatalogus
van KADOC ontsloten.
De Scripta Confratrum bestaan uit een
850-tal publicaties (monografieën en artikels) van de
scheutisten zelf, meestal geschreven in het Frans of het Nederlands,
maar vaak ook opgesteld in de inlandse talen van de missiegebieden
(Kongolese en Filippijnse talen, Chinees, Japans e.a.). Als
geen ander laat die unieke collectie toe om de diverse aspecten
van het rijke missieverleden van de congregatie te bestuderen:
de dagelijkse missierealiteit in de catechese, het onderwijs,
de gezondheidszorg, de communicatie met de lokale bevolking
en lokale cultuur, de wetenschappelijke activiteiten enz.
Wegens haar groot belang wordt ze als een afzonderlijke archiefbibliotheek
bewaard. De collectie zal verder worden aangevuld met publicaties
uit de missiebibliotheek van de scheutisten, die eind 2003
integraal naar KADOC werd overgebracht en verder stapsgewijs
zal worden ontsloten.
"Allo Vosken"
Brieven van Franz Van de Velde aan zijn
confrater Gerard De Vos
Onderzoekers en ontwerpers van tentoonstellingen vinden al
verscheidene jaren hun weg naar het rijke
archief van de Vlaamse oblaat en eskimomissionaris Franz
Van de Velde, bewaard in KADOC. Vanaf 20 november bijvoorbeeld
loopt in het Gentse Huis van Alijn de tentoonstelling
“Voices of Greenland”, waarin ook enkele documenten
uit het archief worden getoond. Recent ontving het centrum tientallen
brieven (1948-1985) die Van de Velde vanuit zijn missiegebied
in het uiterste noorden van Canada schreef aan zijn confrater
Gerard De Vos in het thuisland.
In zijn eigen, onnavolgbare recht-voor-z’n-raap-stijl
brengt Van de Velde het relaas van zijn persoonlijke wedervaren
tussen de leden van de Netjilikstam. Soms laat hij zich daarbij
veeleer zwartgallig en kritisch uit over zijn eigen missiewerk
en over kleine en grote gebeurtenissen in zijn congregatie,
waarover ‘Vosken’ hem inlicht. Maar meestal overheersen
Van de Veldes luchtige toon en onverwoestbare optimisme. Zijn
brieven zijn doorspekt met humor en pittige anekdoten over de
jacht, de ijsberen, het klimaat, de ziekten, de huisdieren,
de geschiedenis en de taal, de geografie enz. Niet alleen hangen
zij een indringend beeld op van de mens en de missionaris Van
de Velde, maar zij leveren ook unieke bouwstenen voor een etnologische
studie van de eskimosamenleving.
Religie en moderne cultuur:
een kwestie van aanpassing?
Nieuwe reeks seminaries "Religie
en samenleving"
De KADOC-seminaries “Religie en samenleving vanaf 1750”
gaan weer van start, telkens op donderdagnamiddag van 17 tot
19 uur. Een gastspreker presenteert tijdens het eerste uur een
stelling, die niet alleen historisch, maar ook interdisciplinair
relevant is. Daarna volgt een bespreking en discussie. Vóór
elke sessie wordt aan alle ingeschreven deelnemers een tekst
bezorgd, die als uitgangspunt voor de discussie kan fungeren.
Op 18 november 2004 spreekt prof.
Ernestine van der Wall (Kerkgeschiedenis, Universiteit Leiden)
over “Religie en moderne cultuur: een kwestie van aanpassing?”
Zij onderzocht of en hoe het christendom in de 19de eeuw reageerde
op de uitdagingen van de moderne maatschappij en cultuur. Op
2 december heeft dr.
Virginie Devillez (Koninklijke Musea voor Schone Kunsten
van België, Brussel) het over “Quand la scène
artistique belge rêvait de retour à l'ordre (1929-1945)”.
Zij ging na hoe en in welke mate de Belgische kunstenaarsscène
flirtte met de nieuwe-ordebewegingen in de jaren 1930 en tijdens
de Tweede Wereldoorlog.
Deelname is gratis, maar inschrijven is verplicht. Meer informatie
op onze website.
Eduard Douwes Dekker, alias de gekende
schrijver Multatuli: hij steunde de “protestantse modernen”
die vrijwillig kun kerk verlieten.